Een trekking in de Baliemvallei (en een bijzonder festival)

Midden in de bergen van West-Papua Indonesië ligt een verborgen vallei, de Baliemvallei. Deze vallei is eeuwenlang afgesloten geweest van de buitenwereld. Maak een trekking in de Baliemvallei en bezoek een van de meest afgelegen en ongerepte plekken op aarde. De oorspronkelijke bewoners van de Baliemvallei staan bekend om hun tradtioneel geschilderde gezichten, peniskokers en indrukwekkende neusringen van varkenstanden. Tijdens het jaarlijkse Baleim Festival kun je hen in vol ornaat zien.

De Baliem Vallei is een indrukwekkende bestemming in Indonesië. Je kunt prachtige trekkings maken langs authentieke kraaldorpjes in de vruchtbare vallei. Ben je geïnteresseerd in de cultuur van de afgelegen stammen? Bezoek dan zeker het Baliem Festival in  Jayawijaya. In deze blog deel ik tips en bezienswaardigheden van de Baliemvallei.

Zelfstandig reizen naar West-Papua

Veel reizigers kiezen voor een georganiseerde rondreis naar de Baliemvallei. Begrijpelijk, want er is niet veel informatie te vinden over deze unieke bestemming. Ik besluit echter om zélf naar de vallei te reizen, dit drukt de kosten en ik kan op deze manier mijn reis naar de Baliemvallei helemaal aanpassen aan mijn eigen wensen. Ik vind het fijn een privégids te hebben tijdens mijn trekking in de Baliemvallei.

Ik vlieg via Makassar op Sulawesi naar Jayapura in West-Papua. (Niet te verwarren met Papua Nieuw-Guinea, dat ligt op het zelfde eiland maar dat is een ander land.) Na een paar dagen in Jayapura en Sentani vlieg ik verder naar Wamena, de hoofdstad van de Baliemvallei. 

In Sentani heb ik een man ontmoet die me helpt aan een gids in de Baliemvallei. Op de vliegvelden van Sentani/Jayapura en Wamena staan verschillende mannen klaar met een bordje met “Baliem Valley Tour” in hun handje kunt je trekking in de Baliemvallei zonder veel moeite ter plekke regelen.

desolaat landschap tijdens een trekking in de baliemvallei

Reizen naar de Baliemvallei: welkom op Wamena Airport

“Can I take you to Naga hotel? You booked hotel?”

Ik kijk om me heen: het vliegveld van Wamena in de Baliemvallei is niet veel meer van een paar spaanplaten en wat kippengaas. Voor me staat een gids, die me heel graag meeneemt. Op de grond liggen rode plekken van de betelnoot. Tussen de mannen in westerse kleding lopen een paar mannen in niets dan een ketoka, een traditonele peniskoken uit Papua. Een aantal mannen draagt een bot in de neus.

Ja, ik zoek een kamer, maar de beste man voor mijn neus is niet mijn gids. Wanneer ik aangeef dat ik op zoek ben naar Penius voor een trekking in de Baliemvallei word ik gesommeerd aan de kant te wachten. Niet lang later meldt Penius zich inderdaad, een kleine maar gespierde Papua, zijn rasta-haar in een staartje en zijn lippen rood.

Penius brengt ons naar het hotel. Veel keus hebben we niet, vanwege het Baliem festival zijn veel plekken al maandenlang uitverkocht. Het maakt me niet veel uit, een bed is een bed. 

baliem festival in papua

Baliem festival in Papua

Penius legt uit: ik moet een bemo nemen naar Pasar Baru, en daar moet ik overstappen op een bemo naar Wosilimo. Moet lukken. Gewapend met een fles water zit ik na een korte bemorit en een vrij vlotte overstap inderdaad in de juiste bemo.

De bemo zit voller dan vol. Zouden er in Nederland 8 personen in een dergelijke bus zitten, hier biedt een extra bankje plek aan 16 personen. Mijn benen zijn verstrengeld met die van het vrouwtje tegenover me. Ze heeft praatjes voor tien, en ze houdt alleen haar mond voor een paar seconde als ze een fluim betelnoot het raam uit tuft. 

Mijn teen slaapt, en even later mijn hele been. En dan mijn kont. Ik zou me willen bewegen, maar ik kan geen kant op. Ik krijg een blauwe lollie van het kletsende en kauwende vrouwtje. Ze pakt mijn hand en laat me de hare zien: ze mist een aantal kootjes. Deze werden afgehakt bij Papua-vrouwen wanneer ze een dierbare verloren. Gelukkig is de vorm van verminking inmiddels verboden.

Na ruim een uur ben ik aangekomen in Wosilimo. Ik moet een kaartje kopen voor het festival wat tevens toegang geeft tot de festival-tribune. Ik heb geen interesse in de tribune, ik loop liever rond.

mock fisghts in papua

Cultuur in Papua: mock fights tijdens het Baliem festival

Het Baliem festival is een jaarlijks terugkerend evenement. Elke dag laten verschillende Papua-tribes delen van hun cultuur zien, ik ben vandaag getuige van verschillende mock-fights. Mannen en vrouwen van verschillende stammen rennen in traditionele kleding over het veld naar elkaar toe om elkaar vervolgens met stokken en speren te lijf te gaan. Dit alles vergezeld van krijgshaftige kreten

Papua dans

Daarnaast is er veel traditionele dans. Zonder stereo, maar onder luid gejoel en gezang dansen de verschillende stammen met en om elkaar.

Wie denkt dat de Papua hier staan ter lering en vermaak van toeristen heeft het mis: de mannen en vrouwen hebben veel lol met elkaar, en ontmoeten mensen die ze normaal (bijna) nooit zien omdat hun dorpen te afgelegen zijn. Het gehos heeft soms wel wat weg van carnaval, maar vergis je niet: in de vallei wordt geen druppel alcohol geschonken.

traditioneel gekleed meisje in papua

Tweedaage trekking in de Baliemvallei

Na twee dagen zit het Baliem Festival erop. Wat een bijzondere ervaring! Nu is het tijd voor de volgende activiteit: ik ga een trekking in de Baliemvallei maken. Dit is echt iets wat je moet doen in Papua! 

Je moet je spullen pakken, we gaan. En ik heb geld nodig.”

Sorry? Het is acht uur ’s ochtends, ik zit aan mijn ontbijt. Penius zit tegenover me om de dag door te spreken en blijkbaar heeft hij bedacht dat mijn tweedaagse trekking in de Baliemvallei niet morgen begint, maar vandaag. Ik knipper eens met mijn ogen en laat het nieuws tot mij doordringen. Zijn de batterijen van mijn camera wel vol? En wat moet er allemaal mee tijdens de meerdaagse wandeling? 

Ik graai snel een extra set kleding en wat toiletspullen bij elkaar. Ik ben klaar voor mijn trekking in de Baliemvallei.

varken op de markt

Pasar Sinatma: de laatste inkopen

In Sentani heb ik al een doos in mijn handen gedrukt gekregen. Mijn proviand voor de trekking in de Baliemvallei. Penius maakt de doos open en knikt goedkeurend. Er zit een brood in de doos, jam, koekjes, rijst, noodles, een hoop kruiden en olie. Deze houdbare producten zijn ook te koop in de omgeving van Wanema, maar daar liggen de prijzen een stuk hoger.

Nu sta ik op de markt van Sinatma om water te kopen. En eieren, groenten en fruit.

Terwijl Penius de boodschappen doet, verbaas ik me over de koopwaar om me heen. Het aanbod is niet groot en de verschillen tussen de vele kraampjes zijn klein. Tussen de kraampjes door lopen een paar vette varkens. En heel veel Papua-vrouwen met traditionele tassen. De lange handvatten van de tassen steunen op hun hoofden, terwijl de inhoud van de tas bij hun onderrug bengelt. De inhoud kan van alles zijn, variërend van verse koopwaar tot een peuter.

markt van wamena

Doen in Papua: een trekking door de Baliemvallei

Vanaf de markt rijden we een eindje in zuidelijke richting. Daar stappen we uit de jeep: mijn reisgenoot Ben, Penius, twee dragers en ik. Net als ik me afvraag waarom we juist hier onze trekking in de Baliemvallei beginnen, wordt het pijnlijke antwoord duidelijk: de jeep kan niet verder.

Waar ooit een brug zat, is een gapend gat met een snelstromende rivier (zelfs in het droge seizoen). En blijkbaar moet ik naar de overkant!

Er liggen een paar losse rotsen, maar aangezien deze nogal glibberig zijn durf ik niet zo goed. En terwijl ik op het punt sta gewoon wadend naar de overkant te gaan (dan maar natte voeten), zie ik dat de eerste drager zijn schoenen uitdoet. De tweede drager loopt de hele tijd al op blote voeten.

De lieve man biedt me aan me naar de overkant te dragen. Heel lief, maar dat is mijn eer te na. Ik geef hem mijn cameratas. Er wordt een dikke tak over de rivier gelegd en steunend op de twee mannen loop ik voetje voor voetje naar de overkant. Dit begin van mijn trekking in de Baliemvallei zal ik niet snel vergeten.

porters tijdens de trekking door de baliemvallei

Gelukkig wordt de weg daarna wat beter. We gaan omhoog, de bergen in. Onderweg passeren we verschillende traditionele Dani-dorpen. In deze dorpen zijn verschillende ‘round houses’ te vinden, ronde houten huizen met een dak van stro. Er is een huis voor de mannen, en een huis voor de vrouwen. Er is ook kookgelegenheid en een vertrek voor het vee.

Wanneer een Dani-man genoeg geld heeft om de bruidsschat te betalen (meestal 5-10 varkens) mag hij trouwen. Hij en zijn kersverse vrouw krijgen dan een eigen huisje. Wel zo fijn natuurlijk, een beetje privacy tijdens de wittebroodsweken. Zodra de vrouw zeven maanden zwanger is, verhuist de man terug naar het mannenhuis. Pas als de baby twee tot vijf jaar is, en de vrouw het kind niet meer voedt aan de borst, keert de man terug naar zijn vrouw en kind.

Overnachten in Kilisi in de Baliemvallei

In de loop van de middag arriveren we in het dorp Kilisi, het eindpun van vandaag. We slapen in het huisje van de pastoor, wat eigenlijk net aan de rand van het dorp ligt. Blijkbaar zijn we niet de enige toeristen die in het dorp overnachten en Penius wil niet mengen met de andere groep.

Ik slaap niet in een traditioneel huis, maar in een kleine woning van spaanplaat en golfplaat. Op de vloer ligt een stuk tafelzeil, en aan de muren hangen verschillende afbeeldingen van Jezus en kindertekeningen van God. Buiten staan lage muurtjes met een verhoogd dak, dat is de keuken. Uit een kraantje komt troebel water. Ik wéét dat dit het water is waar zo in gekookt wordt en waar thee van gemaakt gaat worden. Ik laat mijn theezakje extra lang in de pot te laten hangen en ik voeg een grote schep suiker toe om de rare smaak te verbloemen.

En dan valt de avond en dan is het donker. De lampen in het huisje kunnen niet aan. Gelukkig hebben we kaarsen en een zaklamp. Buiten regent het dat het giet. Het is koud en ik doe al mijn kleren aan. De arme dragers hebben geen kleding bij zich, dus Ben leent zijn jas uit.

in de wolken

In de wolken

Wanneer ik de volgende dag wakker word, regent het nog steeds. Ik had gehoopt zonder regen mijn trekking in de Baliemvallei te vervolgen.

De bergen zijn weg. Het dal is weg. Zelfs de velden met de zoete aardappels en de bomen met mandarijnen zijn weg. Het enige wat rest is een dichte mist.

Tijdens het ontbijt trekt de mist enigszins op. De grond blijft zompig, het is spekglad, maar ik besluit om met Penius en gids Televisi (echt, wie noemt zijn kind zo?) de berg op te klimmen. Het is zondag, dus veel mensen gaan naar de kerk. Religie is belangrijk in de Baliemvallei, de kerken zitten bomvol. Zo hier en daar worden de kerken groter gemaakt, maar er zijn voor dorpen waar de mis plaatsvindt op het grasveldje voor de kerk. Waar na de mis de vrouwen gaan picknicken en de kinderen voetbal spelen.

Penius heeft geen verstand van tijd. De wandeling wordt langer en langer, mijn kleine watervoorraad raakt redelijk snel op. Er zijn geen winkeltjes om nieuw water te kopen, dus op mijn verzoek keren we om.

De woeste rivier

Na de lunch is het tijd om terug naar Wamena te lopen. De dragers tonen een pad door de begroeiing en via de akkers dalen we snel af richting de rivier.

De drager hebben het overgbleven proviant achtergelaten, ze lopen met lege potten en pannen de berg af. Er wordt gezongen en soms klinkt er een rare oerkreet. Vaak wordt die beantwoord vanuit de bosjes: een manier van lange-afstand-communicatie als je geen telefoon hebt.

Langs de rivier is de weg vlakker. We verhogen het tempo een beetje: het is al vrij laat in de middag en we willen voor het donker de rivier oversteken. Langzaam komt de bewoonde wereld in zicht. Er zijn minder traditionele huizen en de mannen lopen vaker in westerse kleding in plaats van alleen een peniskoker. Er zijn motorfietsen en soms passeren we een klein winkeltje.

Terwijl de zon glipt achter de bergen steken we de rivier over. Hoewel het water van de rivier door de vele regen van het afgelopen etmaal aardig gestegen is, is de oversteek minder eng dan aan het begin van de trekking. Ik heb vertrouwen in de dragers. Mijn helden.

Dit is een van de mooiste trekkings die ik maakte in Indonesië.

traditioneel dorp in de baliemvallei

Tips voor een trekking in de Baliemvallei

  • Een rondreis door de Baliemvallei vergt wat voorbereiding. Je kunt niet zonder lokale gids op pad
  • Het is niet nodig om je trekking in de Baliemvallei al in Nederland te boeken. Dit kan je prima regelen in Wamena of in Sentai/Jayapura.
  • Kijk goed wat er wel en niet bij de prijs van de trekking in de Baliemvalle zit! Check of de accommodatie tijdens de trekking, overnachten, eten, gids en drager bij de prijs inbegrepen is
  • De prijzen in de Baliemvallei liggen hoger dan elders in Indonesië. Je kan er daarom voor kiezen inkopen te (laten) doen in Sentani/Jayapura en zelf proviand in te vliegen
  • Officieel moet je een surat jalan hebben, een permit voor Papua. Ik ben nooit gecontroleerd op deze permit
  • Neem kleding in laagjes mee, en zeker ook iets van regenkleding. Je bent in de bergen, het weer kan wisselvallig zijn. ’s Avonds koelt het flink af
  • Een zaklampje voor ’s avonds kan handig zijn, niet in alle huizen is stroom
grottekening in papua

Bezienswaardigheden Baliemvallei

Contilolo grot

De meeste mensen reizen naar de Baliemvallei voor een trekking en voor het zien van het Baliemfestival. Deze hoogtepunten zijn geweldig, maar ik wil graag nog een paar minder bekende bezienswaardigheden zien voor ik in het vliegtuig naar Bali stap. In overleg met Penius bezoek ik de volgende bezienswaardigheden rondom Wamena.

Na een nacht met veel regen is het pad wat naar de Contilolo grot leidt behoorlijk glibberig. Af en toe kan ik me vasthouden aan een met mos begroeide boom, soms aan een half afgebroken reling maar meestal ben ik op mezelf aangewezen. Had ik al gezegd dat ik onhandig ben?

Na een korte klim beland ik een een grotje. In deze grot zouden vroeger mensen geofferd zijn, als ik tenminste de krijttekening op de rotswand met geloven. De grot is verder niet zo bijzonder.

De mummie van Jiwika

Het dorpje Jiwika is het meest toeristische stukje van de Baliem vallei wat ik gezien heb. Wanneer Penius en ik in het dorp arriveren snellen de bewoners naar buiten om ons met open armen te ontvangen. Veel vrouwen dragen een traditioneel rokje met een ontbloot bovenlijf, de meeste mannen dragen een peniskoker.

Kinderen vragen om snoep, en volwassenen om sigaretten. Voor foto’s moet je betalen. Het contract met de onbekende plekken in de Baliemvallei waar ik een paar dagen geleden nog was is erg groot. Wat een circus.

Het hoogtepunt van Jiwika is een mummie van van bijna driehonderd jaar oud. De mummie ligt veilig opgeborgen in één van de houten huisjes, en wordt special voor toeristen te voorschijn gehaald. De oude zwarte mummie dient als bemiddelaar met de geestenwereld. Er bestaan nog ongeveer vier van deze mummies in de Baliemvallei, waarvan die van Jiwika het best bewaard is gebleven.

stammen in west-papua

Hanging bridges in de Baliem Vallei

De rivier door de Baliemvallei is wild. De stenen brug die Wamena met het zuiden van de vallei verbindt is jaren geleden al weggeslagen, en het is nog maar de vraag of deze ooit opnieuw opgebouwd wordt.

Maar wat als je toch naar de overkant moet?

Op sommige plekken waden de mensen gewoon door de rivier (voor zover je van ‘waden’ kan spreken gezien de stroming), terwijl op andere plekken traditionele hangende bruggen van bamboe zijn gebouwd.

Ik wil zo’n brug zien. Sterker nog, ik wil over zo’n brug naar de overkant lopen.

Bij het zien van de brug twijfel ik echter, en terwijl ik mijn voeten op het bamboe zet weet ik het zeker: dit gaat hem niet worden. Maar omdat ik langer ben dan de gemiddelde Papua zitten de handvatten voor mij te laag, en zonder vasthouden durf ik gewoonweg niet. Gênant of niet, ik zie er van af.

Pasar Baru: de lokale markt

De markt van Pasar Baru is een van de grootste markten van de vallei. Hier worden veel verse producten uit de Bergen verkocht, maar ook veel ‘luxe’ wat is ingevlogen van elders in Papua en Indonesië. Ik sluit mijn reis naar de Baliemvallei af met een rondje over de markt. Dag lieve mensen, tot een volgende keer. 

En Penius? Die trakteert zichzelf op een nieuwe voorraad betelnoten. Dat heeft hij op zich wel verdiend, het was een mooie tocht.

Tip: Lees meer over zelfstandig reizen in West-Papua.