Trekking naar Wae Rebo, Flores

Scharrelende kipjes. Spelende kindjes. Drogende was. Een dozijn huizen, veelal van hout. Ik ben dol op authentieke Indonesische dorpen. Het dorp Wae Rebo staat dan ook hoog op mijn bucketlist wanneer ik weer naar Flores ga. In Labuan Bajo boek ik een trekking naar Wae Rebo.

Wae Rebo is mooi en authentiek en een trekking naar Wae Rebo is een van de hoogtepunten van een reis naar Flores. Eenmaal aangekomen op Flores slaat bij mij de twijfel toe: hoe authentiek is een bezoek aan een dorp wanneer er om de tien meter excursie naar Wae Rebo aangeboden wordt? Ik negeer de (dure) tours en regel mijn eigen vervoer en accommodatie voor mijn trekking naar Wae Rebo. Zo hoop ik de massa te ontlopen.

Een 3-daagse trip van Labuan Bajo naar Wae Rebo naar Ruteng

Wae Rebo is niet per auto te bereiken. Je kan in Ruteng of Labuan Bajo vervoer naar Denge of Dintor boeken, en dan moet je te voet verder. De trekking naar Wae Rebo duurt ongeveer 3 uur.

Je kunt een tweedaagse excursie naar Wae Rebo boeken. Op de eerste ochtend rijd je naar het beginpunt van de trekking, je overnacht in het dorp en de volgende dag loop je terug naar beneden en rijd je terug naar Labuan Bajo.

Ik besluit het anders te doen. Op de eerste dag rijd ik van Labuan Bajo naar Dintor, op dag twee loop ik naar boven en op de derde dag rijd ik verder naar Ruteng.

Het vertrek: lekke banden

Om 9 uur zit ik klaar in mijn hotel in Labuan Bajo Flores. Mijn duikspullen liggen de komende dagen bij de receptie, ik reis met een kleine tas met alleen wat kleren. Om half 10 zit ik nog steeds in mijn hotel. Geen driver. Ik word een beetje nerveus (en daarom ongeduldig).

Om vijf over half 10 stuur ik een sms-je naar Miki, mijn contactpersoon. Al snel krijg ik antwoord: de banden van de auto moeten verwisseld worden (pardon!?!) en de driver komt er zo aan. Nog geen kwartier later staat Ostan voor de deur. Ostan is mijn driver. Hij spreekt noch Engels, noch Indonesisch. Dit is niet echt gezellig, maar Ostan is een goede en betrouwbare chauffeur.

roadtrip flores

Van Labuan Bajo naar Denge

De weg slingert van Labuan Bajo naar Denge. De wegen zijn beter dan tijdens mijn eerste bezoek aan Flores, maar het blijven steile wegen die nauwelijks breed genoeg zijn voor twee bussen.

Opeens begint het te regenen. Het prachtige landschap verdwijnt achter een watergordijn. We reden al langzaam, maar vanwege de regen gaan we nu nóg langzamer.

Gelukkig wordt de regen na een tijdje wat minder. Ik zie de zuidkust van Flores, kliffen, stranden en mangroves. Zo hier en daar staan wat houten huisjes. Voor de kist dobbert een aantal kleine vissersbootjes. Zo mooi!

En dan stopt Ostan. Op mijn flipflops balanceer ik over grote keien in de rijstvelden. Welkom bij de Wae Rebo Lodge in Dintor, het startpunt van mijn trekking naar Wae Rebo.

Slapen in de rijstvelden van Denge

Ik zit op een stoel op de houten veranda. Links in de verte zie ik de zee. Rechts in de verte zie ik bergen. Verder zie ik niks dan het groen van de jonge zaailingen. Mijn bungalow ligt midden in de rijstvelden.

De lodge is eenvoudig ingericht. Het houten huisje heeft een bed en dat is het. Ik gebruik een van de steunbalken als ligplaats voor mijn bril en telefoon. Er is maar een paar uur per dag elektriciteit. Er is geen telefoonbereik, laat staan WiFi.

Ik geniet van het uitzicht en de rust. Meer heb ik niet nodig.

De trekking naar Wae Rebo

In de ochtend ontbijt ik met pannenkoeken. Een stevig ontbijt, ik zal het nodig hebben.

Ostan staat al klaar. Met de auto rijd ik een stukje de berg op, van Dintor naar Denge. Mijn trekking naar Wae Rebo begint daar waar de weg stopt, net voorbij het schooltje van Denge. Kinderen uit de bergen gaan hier naar school en slapen bij familieleden. Ze gaan alleen in het weekend naar huis.

Het eerste deel van de trekking naar Wae Rebo valt me is zwaar, loodzwaar. De bananenpannenkoek die ik met veel smaak at, stoot continu op. Mijn buik doet pijn. Ik hijg en kraak als een oud schommelpaard. Wil ik dit echt?

Ik loop even, zit even stil. Ik probeer wat water te drinken. Ik sta op en even wordt alles zwart. Ik loop verder tot het echt niet meer gaat. Hoe houd ik dit in hemelsnaam vol?

Ik wil niet terug. Ik neem een moment pauze en dan loop ik verder.

Lopen door de jungle

De weg gaat steil omhoog. Ineens stopt het asfalt. Ik klauter langs een ingestort viaduct door een opgedroogde rivierbedding. De eerste wandelaars uit Wae Rebo komen alweer naar beneden. Ik krijg een boomtak die ik als wandelstok kan gebruiken.

Ik met een wandelstok? Ja dus. De stok geeft me houvast. Het lopen gaat steeds makkelijker. 

Mijn bril beslaat door de vochtige lucht, waardoor ik moeite heb de wortels van de bomen rondom me te ontwijken. De grond is drassig, het heeft ’s nachts hard geregend. Af en toe hoor ik een aapje.

Heel soms zie ik het dal tussen de bomen. Ergens in de verte ligt de zee. In een rap tempo klimmen we omhoog.

Bijna in Wae Rebo

‘Kijk, het dorp.’ Met mijn camera in de aanslag volg ik de vinger van de gids. Ik zie niks.

En dan zie ik het: een puntdak op een bergrand. Wae Rebo in zicht! Met hernieuwde energie besluit ik een rustmoment te schappen en door te stappen naar het dorp. De weg gaat niet langer steil omhoog, maar af en toe zelfs een beetje bergafwaarts. Mijn kuiten vinden dit fijn.

Het wordt drukker langs de route. Een buffel. Een vrouwtje dat bananen oogst. Een meneer die spullen vanuit het dorp naar beneden draagt.

En dan zijn we bij de dorpspoort. Daar ligt Wae Rebo in volle glorie: zeven traditionele round houses. We luiden de klopper als teken dat we er aan komen. Nog maar een klein stukje en mijn trekking naar Wae Rebo zit er op.

In iets meer dan drie uur ben ik in het dorp (inclusief pauzes).

Rituelen in Wae Rebo

Eenmaal in Wae Rebo melden we ons bij de kepala desa. Het dorpshoofd zingt en bidt voor zijn gasten uit Nederland. Een ritueel wat elke bezoeker aan Wae Rebo ondergaat. (Uiteraard volgt er een donatie.)

Achter het dorpshoofd geeft een vrouw een baby de borst. In totaal biedt het huis plek aan tientallen personen. De gezinnen worden door gordijntjes aan een touwtje van elkaar gescheiden. Privacy is er niet.

Na het welkomstritueel mogen we vrij door het dorp lopen. Kinderen spelen er en oude vrouwtjes zoeken koffiebonen uit. De koffie wordt geruild tegen rijst, wat boven op de berg niet groeit.

Ik lunch in het gastenverblijf voor toeristen. Aan de kanten van de hut liggen matjes. Het gastenverblijf biedt plek aan zo’n dertig man. Een tweede gastenverblijf is in de maak.

Het gastenverblijf

Vriendlief en ik kijken elkaar aan. Wat nou authentieke ervaring?!? We besluiten niet in Wae Rebo te slapen en beginnen met de afdaling. Mijn wandelstok komt weer van pas. De grond is spekglad en met elke stap heb ik het gevoel dat ik de controle verlies. Mijn voeten glijden door de rode aarde, diepe groeven achterlatend.  

En dan begint het te regenen….

Ik voel mee met de groepjes mensen die langs me naar boven lopen. Hoewel ik geen warme douche kan nemen, heb ik zo tenminste een eigen kamer en een lekker bed!

Na twee uur ben ik bij de auto. Ostan brengt me van het begin van het dorp terug naar het guesthouse.

De volgende ochtend rijden we van Dintor naar Ruteng.

Hoe authentiek is Wae Rebo?

It’s the journey, not the destination.

De trekking naar Wae Rebo is prachtig. De ligging van het dorp in de bergen is magisch mooi. Het dorp zelf is leuk. Maar authentiek? In het hoogseizoen slapen er tientallen toeristen per nacht en dat worden er alleen maar meer.

Sommige dorpen op Flores zijn makkelijker te bereiken én minder toeristisch. Bijvoorbeeld Bena bij Bajawa of Kampong Ruteng bij Ruteng.

Praktische informatie voor een trekking naar Wae Rebo

Kosten voor een trekking naar Wae Rebo

Reken op de volgende koste voor een trekking naar Wae Rebo wanneer je alles zelf regelt (kosten voor 2 personen in 2016).

  • Auto met chauffeur: 2.400.000 rp (voor 3 dagen)
  • Overnachting Denge: 300.000 rp per dag  
  • Entrance fee Wae Rebo: 2x 200.000 rp (meer als je blijft slapen) 
  • Donatie voor de welkomstceremonie: 50.000 rp  
  • Verplichte gids van Denge naar Wae Rebo: 700.000 rp (goedkoper als je gids geen Engels spreekt)  

Totaal: 4.150.000 rp voor 3 dagen voor 2 personen. Dat is ongeveer 50 euro per persoon per dag, inclusief alles.

Martin heeft een guesthouse/lodge in Denge. Hij kan helpen je trekking naar Wae Rebo te regelen. Hij is te bereiken op +62-852-39344046. Miki kan helpen met het regelen van vervoer, zijn nummer is +62-812-36775343.

Wat moet je meenemen voor de trekking:

  • Goede schoenen voor de trekking naar Wae Rebo
  • Flipflops die je eenmaal boven kunt dragen  
  • Een sarong/lakenzak als je blijft slapen (ook handig als je slaapt in Denge, er zijn geen lakens)
  • Schone kleren  
  • Een jas of fleece: het koelt best af!  
  • Zonnebril, zonnebrandcrème  
  • Eventueel een poncho tegen de regen  
  • Een powerbank om bijvoorbeeld je telefoon op te laden, er is geen stroom (maar ook geen bereik)